Een stroom van driedeliggrijs, waaronder menig maatkostuum met verticale krijtstreep, vindt op 13 maart 2009 zijn weg door een triomphboog
van wit-en roserode rozen uit Rusland, de vernieuwde designingang van TEFAF.
van wit-en roserode rozen uit Rusland, de vernieuwde designingang van TEFAF. Alleen jammer van die glimmend zwart gelakte zuilen die het geheel enigszins een begrafeniskarakter verlenen. Op vrijdagmorgen 13 maart, de dag waarop TEFAF opent voor het grote publiek, word ik om 11 uur verwacht bij Radio L1 voor een interview met Frank Ruber. Dankzij de vriendelijke floormanager lukt het om op tijd bij de radiostand van L1 te geraken. Zo eenvoudig was dit niet. Mijn dagkaart ligt zoals afgesproken, niet klaar. Via de infobalie worden wij naar een perskamer vol ijverige voorovergebogen journalisten achter computerschermen gestuurd. Vriendelijke doch gehaaste baliemedewerksters discussieren druk over het feit hoe ik zonder problemen via de beveiliging naar binnen kan. Perskaart is uitgesloten, ik ben niet van de pers. Dan maar weer terug naar de infobalie. De hal van het Mecc gonst en is afgeladen vol met wachtende mensen. Nog enkele minuten en het vocabulaire aan vreemde talen in driedelig grijs en onplooibare chique mag naar binnen om zich te vergapen aan al het 'moois' wat ook dit jaar weer bijeengestald is. Vrouwen zoeken nerveus hun mannen, waarschijnlijk nog druk doende met parkeerplaatsen en entree bewijzen. Een breedgeschouderde beveiliging bij de ingang van de kunstbeurs slaat de handen in elkaar en komt in positie. De controles zijn ook dit jaar onverminderd streng, elke handtas moet worden geopend en aan strenge blikken onderworpen.
Eindelijk mogen mijn begeleider en ik, ten overvloede nog vergezeld van een leidinggevende van het Mecc, met dagkaart door de VIPingang naar binnen. Middels de in kranten geroemde 'rozenboog' lopen wij over zacht crèmekleurig tapijt langs standhouders en hun waar. Ik ben blij dat het interview plaatsvindt in een van de uithoeken van het Mecc, ver van de gonzende menigte. Voor het interview zelf ben ik niet nerveus, ik zeg immers altijd wat ik denk, maar die onwerkelijke mensenmenigte in de hal geeft mij een merkwaardig soort spanning. Met de geur van olieverf nog op mijn huid, loop ik in mijn alledaagse kleren door een wereld van verschil.
Het interview met Frank Ruber duurt ongeveer twintig minuten en dan mag ik weer op weg naar de uitgang. Met haastige blik spoed ik mij door de wandelgangen, snel kijkend of er in de moderne kunstafdeling nog iets nieuws is onder de zon. Iets wat ik nog niet ken. Kwaliteit verloochent zich nooit en valt op tussen de gekunsteld aandoende werken. De mooie Van Dongen, de Fontana's, mijn geliefde Bacon, een paar Appels...ze zijn er allemaal. Voor even maar voor zij weer in de brandkast van de volgende collectioneur verdwijnen. Dan, gelokt door felle kleuren sta ik geschokt voor het grote ronde schilderij van Damian Hirst. Twee meter in doorsnee volgeplakt met keurig gerangschikte exotische vlinders!? "Ze zijn toch dood", hoor ik een man gerustellend tegen zijn vrouw zeggen.
Ik loop door en vraag mij af wie dit schilderij verdraagt? Ik verlang naar buitenlucht. De gangen zijn inmiddels gevuld met mensen. Verbaasde, begerige, zakelijke en opgesmukte gezichten in alle talen. Vlammend rood trekt mijn aandacht. Een schriele vrouw op leeftijd in een vlammend rode petticoat jurk tot net boven de knie en op glimmend zwarte pumps, schrijdt over het tapijt. Ik ben niet gauw meer te verrassen maar hier wil ik even van genieten. Het grijze oude hoofd en een dubbele huidplooi even boven de taille is het cruciale verschil met jeugd. Ik volg het 'jonge' stel. De man naast haar, van een zelfde leeftijd als zij kijkt verveeld en marcheert naar een volgende stand. Ik vervolg mijn weg naar de uitgang. Probleemloos kom ik voorbij de beveiliging. Geen Rembrandts in mijn tas, die laat ik hangen voor de familie Noortman. Ik ben blij met de buitenlucht, laveer tussen de vele taxi's door naar het kleine tunneltje onder de autoweg. Lopend bereik ik de Lidl in het Heugemerveld en koop daar mijn kaas en een paar broodjes. Een Turkse vrouw zoekt naar vleeswaren en groenten, 2 blonde kinderen spelen met een winkelwagen en rijden bijna een oudere man omver. Bij de kassa is het niet druk. Het meisje is vriendelijk en wij wensen elkaar een fijne dag. Ik voel mij gelukkig. Gelukkig 'normaal'.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten